Vijf jaar op rij bovenaan eindigen in het klassement. Voor veel survivalrunners blijft het een droom, maar voor Anne van Schuppen is het werkelijkheid. Na twee klassementsoverwinningen bij de meisjes JSR 10-11 en drie op rij bij de JSR 12-14 behoort Anne tot de grootste talenten van onze sport. Hoe beleeft zij haar successen en wat zijn haar ambities voor de toekomst?
Anne was zeven jaar oud toen ze voor het eerst kennismaakte met survivalrun bij trainingsgroep Hang-On. “Iemand uit mijn klas was net twee weken begonnen met de sport en vroeg of ik een keer mee wilde”, blikt ze terug. Dat leek haar wel wat, dus hing ze niet veel later voor het eerst in de touwen. “Het hardlopen vond ik toen eigenlijk niet zo leuk”, geeft ze eerlijk toe, “maar dat klimmen, klauteren en slingeren door de hindernissen… dat vond ik direct geweldig.”
Ook het sporten in de frisse buitenlucht sprak haar enorm aan. “Dat je altijd buiten bent, vond ik echt heel leuk.” Voor Anne was survivalrun bovendien een compleet andere sport dan de sporten die ze daarvoor beoefende. “Ik heb natuurlijk eerst zwemles gevolgd om mijn diploma te halen en deed daarna aan capoeira, een Braziliaanse vechtsport. Dat doe ik nog steeds naast survivalrun, maar survivalrun was voor mij wel echt iets totaal nieuws.”

Van trainen naar eerste wedstrijden
Al snel kreeg Anne steeds meer zin om ook aan wedstrijden mee te doen. Haar allereerste wedstrijd was een koppelrun in Wesepe, samen met haar trainer van Hang-On, Erik de Heer. “Dat was echt bijzonder”, vertelt ze. Niet veel later stond ze aan de start van haar eerste individuele wedstrijd in de jeugdklasse (JSR), op haar eigen trainingsterrein bij Hang-On. Ze was toen pas zeven jaar oud.
Die eerste wedstrijdervaringen smaakten naar meer. “Vanaf dat moment was ik eigenlijk helemaal verkocht aan de sport”, zegt ze lachend. “Het was zó leuk om te doen dat ik meteen dacht: dit wil ik vaker doen.” Wat haar daarbij vooral aansprak, was de combinatie van plezier en uitdaging. Elke training en wedstrijd bracht weer nieuwe hindernissen, technieken en parcoursen met zich mee. “Je bent steeds bezig jezelf uit te dagen en te ontdekken of je iets kunt wat eerder nog niet lukte. Dat vond ik heel gaaf.”
In het begin was Anne dan ook niet bezig met winnen. “Ik wilde vooral plezier hebben”, zegt ze eerlijk. Juist dat bleek achteraf de perfecte basis. “Als je het leuk vindt, ga je vanzelf vaker trainen en doe je automatisch beter je best”, legt ze uit. “En dan volgen de resultaten vaak vanzelf.” Dat merkte ze zelf ook. Het plezier bleef altijd vooropstaan, maar ondertussen groeide ze stap voor stap als allround survivalrunster en begonnen ook haar prestaties steeds meer op te vallen.

Eerste successen
Zo groeide ze in de categorie JSR 10-11 meisjes uit tot een vaste naam voorin het klassement, met zelfs twee eindzeges op rij. “Dat was wel bijzonder”, zegt ze bescheiden, “maar ik was vooral gewoon blij dat ik zo’n leuke sport had ontdekt.”
Die ontwikkeling zette zich in de jaren daarna stevig door. En dat is terug te zien in de resultaten: vijf klassementsoverwinningen op rij en dit seizoen ook de titel op het Open Nederlands Kampioenschap Jeugd Survivalrun (ONK JSR 12-14) in Gendringen. “Toen ik begon, had ik nooit verwacht dat ik dit zou bereiken.”
Toch zijn het niet alleen de overwinningen die haar bijblijven, maar vooral de weg ernaartoe. Haar eerste klassementswinst in de JSR 12-14 voelde als een belangrijke stap. “Dat was toen een nieuwe wedstrijdcategorie voor mij, met oudere en sterkere concurrenten. Daardoor moest ik mezelf echt uitdagen om alles eruit te halen wat erin zat. Juist daarom ben ik extra trots dat ik in mijn eerste jaar in de 12-14 meteen het klassement won.”

Training, techniek en hindernissen
In de week is Anne vaak meerdere keren op het trainingsterrein bij Hang-On te vinden. “Meestal zo’n twee à drie trainingen per week. Daarnaast loop ik ook twee keer per week hard volgens een vast schema en doe ik één keer per week thuis aan krachttraining.”
Waar ze vroeger hardlopen niet leuk vond, is dat inmiddels wel veranderd. “Je merkt dat je beter en sneller wordt en dat maakt het leuker.” Haar grootste aandachtspunt ligt bij het doseren van haar inspanning. “Het is soms nog lastig om goed in te schatten hoeveel je moet geven”, legt ze uit. “Je moet hard genoeg lopen om tijd te pakken, maar ook nog genoeg overhouden voor de hindernissen. In die balans wil ik nog stappen maken.”
Op de hindernissen zelf komt ze vaak sterk voor de dag, vooral in technische onderdelen zoals de apenhang. “Dat ligt me wel. Het is technisch, maar wel vrij rechttoe rechtaan.” Ook OCR-hindernissen met bijvoorbeeld triangels liggen haar goed. Eindeloze series swing-overs zijn daarentegen minder haar ding. “Een paar is prima, maar veel achter elkaar hoeft voor mij niet”, lacht ze. “Ik hou meer van een mooie combi-hindernis, waar van alles in zit.”

Tweeling
Toch zit er achter haar succes nog een extra laag: competitie van heel dichtbij. Haar grootste concurrent is namelijk haar tweelingzus Loes. In elke wedstrijd zitten de zussen elkaar op de hielen, maar tegelijk is zij ook degene die Anne het beste begrijpt. “We doen dit echt samen”, vertelt ze. “Niemand snapt beter hoe het is om een zware training of wedstrijd te hebben dan zij.”
De zussen trainen dan ook vaak samen. Ze kennen elkaar door en door en weten precies wanneer de ander even door moet zetten. “Als ik een keer geen zin heb in een hardlooptraining, dan is Loes er altijd wel die zegt: kom op, we gaan”, lacht ze. “En andersom werkt dat precies hetzelfde.”
Zo houden ze elkaar niet alleen scherp, maar maken ze elkaar ook beter. In de resultaten heeft Anne tot nu toe nog de overhand, vooral omdat ze in het klimmen en klauteren vaak net iets sterker is. “In de JSR 10-11 had ik nog ongeveer twee minuten voorsprong en nu is dat nog maar een halve minuut. Het is mooi om te zien hoe goed Loes wordt”, zegt ze enthousiast. “Dat houdt me ook scherp, want eerlijk is eerlijk: ik wil haar natuurlijk wel gewoon voor blijven.”

Vooruitkijken
Die onderlinge strijd krijgt de komende tijd een nieuw vervolg, want er staat een nieuwe uitdaging klaar: de JSR 15-17 meisjes. Een langere afstand, oudere en sterkere concurrenten en meer hindernissen onderweg. “Dat lijkt me heel gaaf”, zegt ze meteen enthousiast. “Ik heb er echt veel zin in.”
Ook in die nieuwe categorie wil ze zich opnieuw mengen in de strijd om de prijzen. Ze weet dat het niveau hoger ligt en dat de tegenstand sterker en ervarener zal zijn, maar dat ziet ze juist als een mooie uitdaging. “Een podium zou natuurlijk geweldig zijn, maar vooral wil ik kijken hoe ver ik kan komen in deze wedstrijdcategorie.”
En wie weet wat daarna nog komt. Stiekem kijkt ze al vooruit naar de damescategorie, bijvoorbeeld naar de MSR, waar de absolute top van de survivalrun aan de start staat. “Ik denk dat de MSR mij het beste zou liggen, maar dat is wel iets voor later. Eerst de uitdaging in de JSR 15-17.”

De kern van alles: plezier
Voor andere jeugdige survivalrunners heeft ze één duidelijke boodschap: zonder plezier heeft trainen weinig zin. “Als je trainingen doet die je echt leuk vindt en dingen afwisselt, blijft het leuk om bezig te zijn en houd je het makkelijker vol. En als je het echt leuk vindt, komen de resultaten vanzelf wel.” Tegelijk heeft ze een belangrijke trainingstip. “Je moet zorgen voor balans. Niet te veel van hetzelfde, maar juist afwisseling tussen hardlopen, kracht en techniek. Dat is belangrijk, want daardoor blijf je fris en word je op alle onderdelen beter.”
Volgens haar is juist die variatie wat survivalrun zo mooi maakt. “Elke training en wedstrijd is anders, waardoor het nooit gaat vervelen en je jezelf steeds opnieuw uitdaagt. Je wordt elke keer een beetje beter, maar vergeet nooit waarom je het eigenlijk doet: het plezier in deze geweldige sport.”
